Entry record from Fortgens (1921a): Taliabu
Page number: 71
koki
• to bite; to sting; to hurt(eng).bijten; steken; zeer doen(nld).
oengang goki kamindede kat bijt de muis(nld)
kanangi gokilichaam steekt, rheumatiek(nld)
Note: 2ᵉ en 3ᵉ ps. enk. en mv. goki